zaterdag 14 november 2015

Dictee zaterdag 14 nov 2015 (1): dictee Groot Aalsmeers Dictee 2015 [783]

Dictee - dictees [783]

Groot Dictee Aalsmeer 2015

Meneertje Nooitgenoeg (auteur: Ronald Ganzeboom)

1. Laat mij u verhalen over een week uit het leven van een protagonist, een aartsluie, tot de naoorlogse bourgeoisie behorende maar kleinburgerlijke hobbyist, die verantwoordelijk is voor deze geserreerde, onappetijtelijke dicteetekst.

2. Op maandag bemoeide hij zich met het kortetermijnherstelplan van zijn pensioenfonds, dat de illiquide niveaus van de instellingen waarin het belegt placht af te zwakken door effecten te emitteren op pan-Amerikaanse handelsbeurzen.

3. Na de door zijn eegaatje geïnitieerde aanschaf van panelen voor zonne-energie te hebben gevetood, kon hij door een slecht getimed, geappt berichtje over haar striae op dinsdag de nacht doorbrengen in de eclectisch ingerichte salon.

4. Onze hoofdpersoon behaalde op woensdag een pyrrusoverwinning door ten gevolge van een aanvaarde uitnodiging mee te lopen in het cortège van zijn in ordinair corduroy gestoken oom, die een apologetische oratie over orthodox-protestantse welzijnswerkers hield.

5. Op donderdag mijmerde hij over de lievelingsfagot van zijn jeugd, die samen met zijn terracottakleurige luit indertijd kakofonieën voortbracht; een era waarin de rook van kreteksigaretten droombeelden op witgepleisterde muren toverde.

6. Aan de Churchilllaan verloor onze mythomaan zichzelf op vrijdagavond in een welles-nietesspel met zijn amices van de roomsgezinde jongensbond, niet te verwarren met ouwelijke corpsballen, met wie hij in een ouwe-jongens-krentenbroodsfeertje al snel in de lorum was.

7. Katterig stond hij zaterdag met een smoothie langs de lijn te kijken naar de dansende paardenstaarten van kortgerokte blondines en zag verbaasd dat de puberdochter van de vaderlandse schout-bij-nacht de kunststofbal in het net gepusht had.

8. Verbazing was het evenwel niet: net toen hij in het gevlij van de ook aanwezige, enigszins gecraqueleerde hockeymoeders trachtte te komen, begon namelijk het geëtter van de dociele applausmachine op de authentieke staantribunes.

9. Hoe dan ook, op zondagmiddag lag hij op apegapen, maar verplichtte zijn bonhomie hem ertoe zich te kwijten van deze tekst waarin gekunstelde zinnen als verroeste mitrailleurs zijn literaire aspiraties aan gruzelementen schoten.

10. 's Anderendaags herlas hij het Groot Aalsmeers Dictee, oefende het hardop, jeremieerde wat en concludeerde er zelf geen jota van te hebben begrepen. Had hij het als eersteklasfeestje geclassificeerde evenement van Constantijn nu voorgoed versjteerd?

11. [Specialistenzin] Later luisterde hij in een Delfts oudkatholiek kerkgebouw naar de door de apostolische nuntius gewijde transeunt diaken, een Curaçaoënaar, die een eschatologische fantasiewereld schetste die hem nochtans antropomorf voorkwam en bijna de antipapist in hem losmaakte.