zondag 11 februari 2018

Dictee maandag 12 feb 2018 (1): dictee Derde Drom Dictee Enkhuizen 2018 [1269]

Dictee - dictees [1269]

Derde Drom Dictee Enkhuizen 2018

Eten (auteur: Gerard Wortel)

1.Om het allerbelangrijkste risico van ons doorgaans copieuze [overvloedige] eetgedrag, namelijk dat we mettertijd voor pampus komen te liggen omwille van een onverantwoorde glycogeenvoorraad [spiersuiker], te voorkomen is het noodzakelijk dat het teveel aan sachariden [koolhydraten] te allen tijde het lichaam uitgewerkt wordt, bijvoorbeeld door een tienkilometersnelloop [letters, gezegd] op gympies in een Vinex-wijk, non-stop heen-en-weergeloop op een vlizotrap [naar vliering en zolder], frequent yogaën of andere burleske [kluchtige] afmattingen.

2. Daarenboven moet men de importantie inzien van een voedingsrijke maaltijd. Ter wille [los, (f)oei, Rein! – wel: omwille van] van een weloverwogen congruentie in hun eetattitude zouden onder anderen [n voorgelezen] asceten en fastfoodgebruikers volgens Bartjens [VD ook: Bartjes] hun dagelijks vereiste consumptie op een to-dolijstje moeten schrijven, in dier voege dat de portee [draagwijdte] van gezond eten ten langen leste door hen allesbehalve meesmuilend [spottend] gebagatelliseerd wordt.

3. Heden ten dage tendeert men om meerdere redenen naar slowfood, waarbij we niet per se moeten denken aan een traag groeiend groenteassortiment, coquilles [(jakobs)schelpen] of andere laks [traag] voortbewegende diersoorten, maar aan een hang naar de traditiegetrouwe keuken en daarmee ook naar de authentieke teeltvariëteit en landbouwgeplogenheden [gewoonte, gebruik, usance] van de regio; dit als reactie op de monoculturen [slechts één gespecialiseerd product] en genetisch gemodificeerde gewassen
[gm-voedsel].


4. Zowel onder de flexitariërs [vegetariër die ook weleens vlees eet, als dat beter uitkomt] als onder de quasiveganisten [na quasi geen –!] [gebruikt ook geen eieren, zijde, leer, etc.] bevinden zich epicuristen [genot is het hoogste goed] die zich bijwijlen graag tegoed doen aan een rijkgeschakeerde tafel met voornamelijk exotische gerechten zoals pangasiusfilet [Zuidoost-Azië: zoetwatervis – ook: panga] of pekingeend met bakabana [SR: beignet met bakbanaan] en paksoi [bladgroente uit China] opgedist in een indigoblauw [van (indigo)plant, thans: kunstmatig bereid] pateel [platte schotel. ook wel: plateel], in plaats van gesauteerde [uitspraak: oo, niet ou] [op een flink vuur snel bruin braden] T-bonesteak [lendenbiefstuk aan een Tvormig bot] met savooiekool [ook: savooikool] en noordzeegarnalen geserveerd in een lila-achtige roestvrijstalen autoclaaf [toestel voor verhitting onder hoge druk].

5. Niettegenstaande onze initieel weinigzeggende eetcultuur, wordt men vandaag de dag buitengewoon goed geïnformeerd [vanwege 'buitengewoon' niet GB's bnw. goedgeïnformeerd] over de draagwijdte van een gevarieerde hap, en worden we regelmatig door allerhande culinaire programma's het mekka van de gastronomie ingezogen [GB, VD: inzuigen], waardoor gourmands [lekkerbekken] in toenemende mate overgaan tot fusionrecepturen [culinaire stijl die het beste van diverse stijlen in zich verenigt] van Aziatische en westerse ingrediënten en kooktechnieken.

6. Onze eetgewoonten zijn excessief veranderd, getuige deze seance [zitting] met een dictee, dat appeltje-eitje blijkt voor de hippocampus, aangezien u als multitasker de gedicteerde woordenbrij probleemloos weet te combineren met het appetijtelijk nuttigen van een amuse [klein hapje bij het aperitief, ook: amuse-gueule]. 
Noot: die werd dan ook na afloop van het dictee geserveerd ...