maandag 24 april 2017

Dictee maandag 24 april 2017 (1): dictee Groot Vlaardings Dictee 2017 [1117]

Dictee - dictees [1117]

Groot Vlaardings Dictee 2017 (Rotaryclub – GB – Vlaardingen)

De onderstreepte (en erachter genummerde) 70 woorden of woordgroepen moesten worden ingevuld.

De Slag bij Vlaardingen (auteur: mevrouw Van der Weerdt)

1. Volgend jaar is het een millennium (1) geleden dat een konvooi (2) oorlogsschepen (3), met aan boord een contingent (4) goed geëquipeerde (5) soldaten, op last van de Duitse keizer (6) de rivier afvoer van Tiel naar Vlaardingen, om daar graaf (7) Dirk III mores (8) te leren.

2. Deze eigengereide (9) edelman, die in de adellijke (10) hiërarchie (11) slechts een bescheiden plaats innam, was weliswaar (12) bepaald geen dégénéré (13), maar had zich wel vanwege (14) allerlei (15) illegale (16) activiteiten (17) de toorn van de keizer op de hals gehaald (18), waarover in de annalen (19) door diverse (20) contemporaine (21) chroniqueurs (22) wordt uitgeweid (23).

3. Vlaardingen was gesitueerd (24) aan de handelsroute (25) naar Engeland en van de langsvarende (26) schepen werden door Dirk geldsommen en goederen geëist (27), waarbij er niet voor werd teruggedeinsd (28) meedogenloos (29) en soms grenzeloos (30) gewelddadig (31) op te treden, wanneer de opvarenden zijn eisen bagatelliseerden (32) of niet au sérieux (33) namen.

4. Wederrechtelijk (34) vergrootte (35) hij zijn gebied door landerijen (36) van bisschoppen en abten (37) te confisqueren (38), die hij vervolgens verpachtte (39), om er zelf de interessante (40) revenuen (41) van op te strijken.

5. Ter wille van (42) onder anderen (43) de in hun belangen geschade (44) geestelijken, bij wie de keizer graag in het gevlij (45) wilde komen, in de hoop dat zij voor zijn zielenheil (46) zouden bidden, zond hij eerdergenoemde [GB] (47) strafexpeditie (48), waaraan hij zelf overigens niet deelnam, wegens besognes (49) elders in zijn rijk.

6. Ter hoogte van Vlaardingen debarkeerden (50) de keizerlijke troepen en trachtten (51) via een omtrekkende beweging de burcht (52) te attaqueren (53) waarin de graaf zich had verschanst (54).

7. Deze manoeuvre (55) werd hun noodlottig, want Dirks (56) met pijl-en-boog (57) bewapende manschappen verrasten (58) hen vanuit de begroeiing (59) waarin ze in hinderlaag lagen en vergastten (60) hen op een pijlenregen (61).

8. De aanvallers keerden om en vluchtten (62) en masse (63) terug naar hun schepen, maar kwamen vast te zitten in de drassige rivieroever en in kreken die ten dele (64) waren dichtgeslibd (65); ze werden ten slotte (66) achterhaald door hun achtervolgers, die in man-tegen-mangevechten (67) met zwaarden en werpspiesen (68) de Slag bij Vlaardingen beslisten (69) ten voordele (70) van graaf Dirk.