Dictee – dictees [3822]
Groot Zeeuws-Vlaams Dictee 2009
(feitelijk: Oostburg en Sas van Gent)
[5 november 2009]
Auteurs: Rob van Bedaf en Marc de Smit, voorlezer Oostburg: Rein Leentfaar, voorlezer Sas van Gent: pastor Niek van Waterschoot
De 40 invulwoorden zijn cursief en groen gedrukt.
Geachte Hella Haasse,
1. Het valt mij zwaar dit verzoek tot u te richten. U hebt onlangs de eerbiedwaardige leeftijd van negentig jaar gevierd, voorwaar geen kattenpis, als u het mij vraagt. Ik hoop u in gezondheid te treffen. Terugkijkend op uw omvangrijke oeuvre verdient u een welverdiende rust. Mocht u gehoor geven aan uw grenzeloze schrijfdrift, dan kan ik mij goed voorstellen dat uw prioriteit ligt bij vrije associatie en dat u uw creativiteit niet in dienst stelt van het landsbelang.
2. Tegemoetkomen aan een verzoek als dit is veelgevraagd en mogelijk een zware overschatting van mijn overredingskracht. Toch wil ik een beroep doen op uw talent als romancière. Het zou getuigen van weinig respect en ethisch faliekant onjuist zijn wanneer ik mij tot u zou richten uit een behoefte ons nationaal geweten te sussen. Dat stadium is de Staat sowieso gepasseerd. Ik spreek tot u als een aangevreten entiteit. Nederland bloedt, mijn ledematen worden gepijnigd, mijn gewrichten kermen, doornen dringen diep in mijn vlees, receptoren van mijn centrale zenuwstelsel krijgen tegenstrijdige signalen te verwerken en mijn politieke tong bauwt slechts holle retoriek, onmachtig de juiste toon te zetten de samenleving te vrijwaren van discriminatoire sentimenten.
3. Geachte Hella – hoe graag zou ik u 'lieve Hella' willen noemen om mijn bede kracht bij te zetten, misschien wel om bij u in het gevlij [vaste uitdrukking; anders ook: gevlei] te komen, beste, bovenste beste Hella: uw jeugd werd beïnvloed door het spanningsveld tussen het kolonialisme en nationalisme – mijn schuld, daar doe ik niet moeilijk over – wat u heeft aangezet tot het schrijven van de bewierookte novelle Oeroeg. Uw belangstelling voor de Germaanse heldensagen en de sagenfiguren bracht u ertoe in Amsterdam de studie Scandinavische taal- en letterkunde te volgen. U herkende echter direct de voorkeur van de bezetter voor de Germaanse symboliek, waarop u de studie afbrak. Op zo'n principiële manier kun je dus stelling nemen. U verkoos uw inzichten te verwoorden door het beoefenen van een kunstdiscipline, de bellettrie in uw geval. Is kunst dan het anarchistische baken dat sturing kan geven aan een verzuurde levenssfeer?
4. Overtuigd
stelling nemen dat ik geen
oer-Hollandse samenleving meer ben en blijf
valt mijn natie zwaar. Zij wordt beproefd door het mefistofelische dilemma hoe te
reageren op de haatgevoelens die een bekrompen nationalist uit zijn
demagogische trukendoos
haalt. Verstaat u mij juist, mijn burgers zijn in aanleg geen slechte mensen.
Het is de angst – wat treft ons hart dieper? – die hun vilein wordt verkocht
waardoor zij zich niet meer senang voelen in hun eigen land. Voorwaar Hella,
het leitmotiv (leidmotief) van uw novelle Oeroeg.
5. Ik schaam mij diep, Hella, dat u op uw respectabele leeftijd met een ruim bemeten historisch besef van menselijke dwaling, kennis moet nemen van de factor angst die in ons land is gezaaid en thans daadwerkelijk ontkiemt. Me dunkt, u hebt uw portie verderfelijke superioriteit al eerder moeten verteren. Hoe moet ik mij wapenen en een frontlinie vormen? Zelf een blitzkrieg beginnen?
6. U hebt met
uw scherpzinnige novelle blootgelegd dat tegenkrachten in kaart brengen
in termen van goed of fout slechts polarisatie in de hand werkt. Het probleem
dat ik heb ontreddert
mij. Het huist in de harten van de individuele burger zelf. Demoniseren ligt op
de loer, strategisch handhaven van een cordon sanitaire werkt niet. Doodzwijgen
bevalt me niets. Ik schaak zo naar een patstelling. Beter is de burger rechtstreeks
te raken in hun hart door hen een sociaal liefdesdrama door de strot te duwen
waar alles in menselijke maat wordt verteld en de hartbrekende dilemma's
klip-en-klaar
naar voren komen, opdat prudentie een proeve en innerlijke kracht blijkt vanjewelste [GB in toel. ook wel: van jewelste, van je welste].
7. Hella, nu ik moet vrezen voor de onvoorspelbare krachten in ons democratisch bestel, moslims in gebreke blijven een confessionele politieke partij te stichten, ik krachtens de grondwet op het Opperwezen geen appel doe, de rechtsprekende macht studeert … dicht ik de Kunst als vrijzinnig domein der verbeelding die louterende kracht toe deze voortwoekerende veenbrand fluks te blussen. O Volk, lees!
8. Daarom verzoek ik u nog eenmaal de pen ter hand te nemen tot het schrijven van een sociaal drama waar geen populistische bloodaard een bres in kan slaan en wij collectief ons van nature kleinburgerlijke moraal mee weten te overstijgen. Dat vraag ik u, hartgrondig!
Extra zin in geval van een ex aequo:
9. De antisemitische jezuïet, een degoutante querulant met achttiende-eeuwse ideeën, verbeidde lijdzaam de komst van de geëxcommuniceerde antiquaar die de compromitterende trucfoto's van hem en zijn maîtresse in de chique jakobijnenclub had rondbezorgd in het monnikenklooster.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten