zondag 24 januari 2016

Dictee zondag 24 jan 2016 (1): dictee Shoot-out Voorburg 2015 [852]

Dictee - dictees [852]

Shoot-out dictee Voorburg 2015

Oude kost, oude koek natuurlijk: crambe repetita, crambe bis cocta of crambe recocta, want dat dictee is allang (al lang) achter de rug. Vanavond kreeg ik echter een ingeving die ik de lezer niet wil onthouden.

In Voorburg eindigden 3 deelnemers ex aequo met 0 fouten. Wie, en wie er won, is totaal onbelangrijk: er werd tot een faire uitslag gekomen en er is niets oneerlijks gebeurd …

Normaal is het bij dictees zo, dat als er een shoot-out is, die uitgevochten wordt op het gebied van de spelling. De ex-aequodeelnemers worden niet vlak bij elkaar aan een tafeltje geplaatst en moeten (bijv.) 5 (super)moeilijke woorden of uitdrukkingen opschrijven. Wie de minste fouten heeft (max. 1 per woord of uitdrukking), wint de shoot-out. Vergelijk het maar met strafschoppen na een voetbalwedstrijd. Het verschil met het dictee is, dat je wel tegelijkertijd woorden kan laten opschrijven, maar dat het nemen van 2 strafschoppen tegelijk – het kan wel natuurlijk – nogal omslachtig is … Is er dan nog geen beslissing, omdat 2 of meer deelnemers hetzelfde laagste aantal fouten hebben, dan komt er steeds 1 woord of uitdrukking bij, totdat er een beslissing verkregen is.

In Voorburg had men iets anders bedacht. De 3 deelnemers moesten de volgende vraag beantwoorden (het was nov 2015, meen ik): wat was het gemiddeld aantal fouten van de Nederlandse prominenten bij het Groot Dictee der Nederlandse Taal in de Eerste Kamer in december 2014? Het antwoord was overigens 31. Eerst mocht kandidaat A een getal noemen, daarna B en daarna C. Achteraf is dat niet (helemaal) eerlijk. De eerste kandidaat moet 'in the blind' een aantal noemen, de tweede gaat eronder of erboven zitten en de derde kandidaat heeft ook zijn beperkingen omdat er al 2 getallen genoemd zijn. Het is buitengewoon moeilijk uit te maken, welke kandidaat in het voordeel is: A, B of C. Dat hangt wellicht ook van de genoemde getallen af. Wie het dichtst bij het gezochte getal zat, won. In Voorburg was dat kandidaat C: verder onbelangrijk.

Hoewel de uitslag fair en niet oneerlijk was, heb ik er toch altijd een onbevredigd gevoel bij gehouden. En wat ikzelf ook nog het meest vreemd vind, is dat ik nu pas – maanden later – bij ingeving, toen ik toevallig aan dat dictee dacht, tot de juiste oplossing kwam. Kijk, die strafschoppen kun je niet (gemakkelijk) tegelijk nemen, de woorden opschrijven wel.

En zo is het ook met het antwoord op de genoemde vraag. De enige 100% correcte oplossing was geweest, de 3 kandidaten niet na elkaar een antwoord laten geven, maar ze gelijktijdig dat antwoord te laten opschrijven. Dan is er geen enkele onderlinge beïnvloeding of sturing en is de wedstrijd volledig eerlijk.

Ach, waar maak ik me druk om: :-)?
Toch vond ik het gewoon leuk om de ingeving openbaar te maken.
Ter lering ende vermaak …