donderdag 23 juni 2016

Dictee donderdag 23 juni 2016 (2): dictee Breskens Dictee 2012 [934]

Dictee - dictees [934]

Ook Breskens 2012 voer ik nog een keer ten tonele.
S = specialisten, L = liefhebbers, onderstreept = invullen

(On)zin(nen)? Welnee, een gezellig spellingbeetje! 

S1. De zinnen van dit dictee hangen als los zand aan elkaar. Ik wil u niet choqueren [shockeren], u geen cultuur- noch elektroshock toebrengen; dat lukt me vast ook niet, want u bent immers shockproof. U gaat dit dictee dan ook vast niet schokkerig schrijven.

S2. Als manusje-van-alles (maître Jacques, factotum, jack-of-all-trades, doeal) mag u zich uitleven op deze portie orthografische ratatouille, dit ratjetoe.

L3. Als je Breskens binnenrijdt, word je meteen gewaar dat dit het rodepinguïn(s)dorp is. Een plaats die bol staat van de fantasie dus, en er is ook nog dit eblouissante museum.

S4. Of het Bijbelboek Makkabeeën [Makk.] voor katholieken, joden en protestanten apocrief dan wel deuterocanoniek is, daarover verschillen de meningen.

S5. VD hanteert de vorm Mattheus [Matth. of Mt.] naast de
NBG-schrijfwijze (Nederlands Bijbelgenootschap). Het mattheuseffect houdt overigens in: wie heeft, zal nog meer krijgen (NBG: Matteüs 25, vers 29, overigens ook: 13, vers 12).

L6. Terwijl Kwik, Kwek en Kwak daldeeden, nam Donald Duck in de middeleeuwse dagobertstoel plaats. Wie van de vier leed er aan daltonisme, rood-groenkleurenblindheid?

S7. Hoe schrijft VD 'Haggaï' [Hagg.] en 'Daniël' [Dan. of Dn.]? Over de schrijfwijze van 'Filemon', een van de brieven van Paulus, bestaat geen verschil van mening. Andere apocriefe boeken zijn Ecclesiasticus, Tobit en Wijsheid van Salomo.

S8. De Riagg'er, een pseudo-drs. (afkorting), heeft ge-EHBO'd en ging op een oma's-fiets naar de formule 1-wedstrijd.

L9. De vis wordt duur betaald [Dat is dus duurbetaalde vis]. Dat geldt ook voor de zee-ever en de waterzo. Het museum was blij met het exemplaar van de roofblei. Hebben ze al een piranha?

S10. Daar, ergens diep onder zijn gekrepte haar, lag het opgeslagen in zijn brocacentrum, hersengedeelte voor de spraak: gecrêpt papier is geen wc-papier. Hij nam er nog maar een paar crêpes suzette [GB nu ook crêpe suzettes, anders uitgesproken!] op.

S11. Bij het nymfaeum (de fontein) duikelde hij twee nymphes du pavé op. De ene was nymfomane, de andere vertoonde een soort van nimbus (stralenkrans) en bleek snoeze- en hoezenpoes te zijn.

L12. Het chanoekafeest is het joodse Lichtfeest, niet te verwarren met het Divali, het hindoese lichtjesfeest.

S13. Besturingssystemen worden geüpgraded, botsauto's zijn gecrasht, sportlieden hebben gebaseballd, boeren hebben gecombined en goededoelenacties hebben gefundraised.

S14. Luister maar, je schrijft niet, wat je hoort: chaebol [dzjèh-buhl], giaur [gah-voer], aa-lava [ah-aa-laa-vaa], worcestersaus
[woes-ter-saus] en eschscholtzia [èh-sjohl-sie-jaa].

L15. Voor de mindere goden verschenen deze bijzinnen op mijn dicteeretina: ik heb me verreikt bij het verwisselen van de plafondlamp; hoe schrijf je 'Bevrijdingsdag' en 'nationale dodenherdenking'?

S16. Een bijzonder soort postiljon op zijn calèche (vergelijkbaar: op zijn kales) is de postillon d'amour. Wat is een postille ook al weer?

S17. De Grote Beer (Wagen, steelpannetje, Hemelwagen) is een bekend sterrenbeeld dicht bij de noordpool van de hemel.

L18. Kop-hals-rompboerderijen zie je in West-Zeeuws-Vlaanderen niet; wel toemaathooi (hooi van het tweede gewas, soms aangetast door wildvreterij) en af en toe zie je zelfs een paar spring-in-'t-velds.

S19. Tussor is de grijsgele stevige zijde van het spinsel van de rups van de tussahvlinder. Hij heeft zich eigen gemaakt hoe je zelfgemaakte kaas maakt. In Limbabwe wonen trouwens limbo's.

S20. Als je daarheen gaat, maak je een canossagang. Bij argoteren bedient men zich van cant [kènt]. De cannelures leken wel op cannelloni.

L21. Hij spotte zijn moeder, ontwaardde zijn kaartje en heeft een aardje naar zijn vaartje: hij gelijkt naar zijn vader.

S22. De chemieles ging over acetylsalicylzuur, aceetaldehyde en de zeaxanthine, de fysicales over de brug van Wheatstone en de geisslerse buis.

S23. Langs het paadje stonden planken met een pâtelaagje. In het gras werd de pâté de foie gras gereedgemaakt. Een dronkenlap kun je gemakkelijk shanghaaien.

L24. Een trukendoos zit meestal vol trucs, maar wordt niet per truck vervoerd. Acts worden opgevoerd ten genoegen van een breed publiek.

S25. Een cachelot is een potvis, een cache-pot een sierpot. Met zeil en treil is niet helemaal hetzelfde als met wijntje en trijntje. De jezuïet was van orthodox-roomsen huize.

S26. Cacheren is bedekken, kasjeren koosjer maken. Hij lijdt aan een vie manquée.

L27. De leerling-onderwijzeressen, de juffen in spe, zaten op verschillende Nederlandse p.a.'s. Mag je met zo'n hbo-diploma ook lesgeven in het Vlaamse a.s.o. [GB, VD 2015: aso]? Zitten daarop asoërs of aso'ers?

S28. De havoër, later vwo'er geworden, kreeg een aioplaats en werd aioër en later zelfs doctor honoris causa.

S29. De hoogrode astrilde is een Australische prachtvink. In meerdere nouveaux romans komt het ancien régime ter sprake in het kader van de nouveaux riches.

L30. Het allerallergênantste was dat ze allerbekrompenst en allerbelabberdst gehuisvest (gedomicilieerd) waren.