zondag 29 oktober 2023

3520 Dictee donderdag 02-11-2023 (1) – dictee Dictee van de dag (1110) √ x

Dictee – dictees [3520]

Vragen en opmerkingen: leentfaarrein@gmail.com

Oefendictee feb 2022 (4), geheel herzien naar situatie 2023

Dictee van de dag (1110)

1. Het PIK is het Portugees-israëlitisch Kerkgenootschap. Met ‘ende’: “Mijn schild ende betrouwen, zijt Gij, o God, mijn Heer” [Wilhelmus, couplet 6], ter (tot) lering ende vermaak en om en(de) bij (om en nabij). Verder: ein Ende mit Schrecken [een einde met verschrikking], helegaar (komt van: heel ende gaar), op-en-duit (van: op ende uit),
op-en-top (van: op ende op), ik ben (op en) tenden (van: te ende) en und kein Ende (tot vervelens toe). Denk ten slotte ook aan: Karel ende elegast (niet in wdb.). Alstu(blieft)), hier is het beloofde artikel. Het woord ‘alstroemeria’ [plant – incalelie] moet je met ‘eu’ uitspreken. Zij leiden een kwijnend bestaan. Dat lijdt geen twijfel, weifel daar niet
over/aan. Lijntrekken is gewoon de lijn trekken. Lijperiken!

2. Je kunt nog zo luid spreken, tegen luidsprekende telefooninstallaties kun je niet op. GB en VD kennen het znw. (een) ‘dankuwel’. Op *gus: ad captandum vulgus: om de grote hoop voor zich te winnen, *catalogus, areopagus: hoogste gerechtshof oude Athene met de archonten [rechtspraak, religie, leger], argus: opmerkzame waarnemer, bewaarder, Argus: reus met 100 ogen, iets met argusogen bekijken, [arguskapel, argusfazant/vogel, argusvlinder en arguspauw], asparagus (sierasperge), burgus (burgussen, burgi: klein castellum – legerkamp – voor ca. 160 soldaten), cunniling/ctus (beffen – dubieus: tot befsbellen, e-mailen, faxen, sms’en – dan maar!), decalogus of decaloog (tien geboden), fungus (mv. fungi, zwammenrijk), gus: dikwandig gietijzer of grindzand en negus: voormalig keizer of wijn.

3. Verder: indoctum vulgus: het ongeleerde volk, de onbeschaafde menigte, mobile vulgus: het veranderlijke, wispelturige volk, oesophagus (slokdarm; ontsteking: esofagitis), pagus: landelijk district in het Romeinse Rijk, sine nomine vulgus/plebs = het naamloze volk, de massa, tragus: uitsteeksel voorzijde oorschelp en vulgus: gepeupel, het gewone volk (ongunstig). De hallux (mv. hallices) is een knobbelteen (scheefstand grote teen). Met *ges: ambages (omhaal van woorden), per ambages (dubbelzinnig, langs omwegen), sans ambages (zonder omslag, onmomwonden), auf Flügeln des Gesanges: op de vleugels van het lied, boanerges (Bijbeltaal, heftig man, prediker met vurige geloofsijver), brigges (brigadier, korporaal), cahier des charges (voorwaarden).

4. Verder: die Forderung des Tages: de eis van het ogenblik, dinges, huppeldepup, meneer Dinges, meneer die en die, meneer Van Ipschoten, meneer Van der Hummes, ges: verlaagde toon, ook: gis, slim, de ring van Gyges bezitten: je onzichtbaar kunnen maken, kunnen krijgen wat je maar wenst, ketelappendages: toebehoren van stoomketels, leges: schrijfkosten overheid, nages (plezier, genoegen), nieges: bnw. slecht, zich de nieges schamen = zich zeer schamen, pages = bang, ergens pages van blijven = er geen deel aan hebben, penages: rustig, behoedzaam, sjonge(s). tjonge(n/s), jonge, spem mentita seges = een gewas dat niet aan de verwachtingen heeft beantwoord, toges = achterste = tokes en vaneige(n/s/ns) is vanzelf.

5. Een bimbo is (ongunstig) een vrouw die voldoet aan een ordinair geacht schoonheidsideaal, zoals blond haar en grote borsten. Mapperen = karteren, bij mappemonde spreek je de sjwa niet uit. Een mappa is (r.-k.) een altaardwaal (van dweil: doek). A (À) propos, wie was de dader? M.b.t. de pupil zijn miosis (vernauwing) en mydriasis (verwijding – niet: verwijdering!) antoniemen. Er waren veel mitsen en maren. In de derde akte van het toneelstuk kwam die acteur goed tot zijn recht. De dief nam pakweg de halve winkel mee … De Aeginetische stijl slaat op Aegina (thans: Aigina – NL ook wel: Egina). Quizvraag: dat ligt wel/niet in de Egeïsche Zee. Niet dus. Lesbos (eiland) wel: hoofdstad Mytilene, vaderland van o.a. dichteres Sappho.

6. Vgl. ook sappisch en sapfisch (dat laatste alleen in GB – lesbisch). In VD: saffisme en sapfisme = lesbische liefde. Op *asj: [VD] hasj (stuff, hasjiesj) – ook: nederhasj, midrasj (commentaar op gedeelte Thora – mv. -iem GB VD -im), beet [mv. batee] midrasj (leerhuis, gewijd aan Thorastudie) en choemasj (de vijf boeken van Mozes, de Thora, in de vorm van een gebonden boek, VD mv. -im, niet in GB). GB ook nog: nasjen (= nassen, lekker eten), ik nasj en polderhasj [= Nederlandse hasj]. Op *ash: [VD] backlash (repercussie), backslash (\), (beurs)crash [krach], brainwash, carwash, cash, clash (botsing, conflict), e-cash
(e-geld), flash (flits), goulash, hash(tag) (zekere code), lavash (zeker brood – lavas = maggi], slash (/ – Duitse komma), smash (volleybal), slash (plons, klanknabootsing).

7. Verder: squash, stash (geheime bergplaats), trash (rotzooi, ook: muziek), whiplash (zweepslag, nekletsel), white trash (onderste laag blanken in een blanke maatschappij) en net-nietcrash. GB nog:
e-crash, bashen, ik bash (hevig kritiseren), dashen, ik dash (wegvluchten), cashen, hashen, ik hash (coderen, in bitjes hakken), scashen = betalen met smartphone of tablet(-pc) – scannen en cashen, elec/ktro(clash) – muziek – VD alleen c en elektro in andere betekenis (dat uiteraard ook in GB) en partycrashen (onuitgenodigd zijn en zich misdragen). Vergelijk: dicteecrashen/r. In internetadressen is ru Rusland, de ISO-landcode is RU [Radboud Universiteit, Nijmegen, ook: RUN]. Niet-specifiek staat ru voor rijksuniversiteit. RUL: Leiden of Limburg, RUG slaat op Groningen.

8. Het symbool voor ruthenium is Ru (44, een hard, wit metaal). RUU was de Rijksuniversiteit Utrecht (vero). RUR was Rotterdam. De rub is een mengsel van kruiden en specerijen om vlees of vis mee in te wrijven. De RUB is de Russische roebel. Een open rug is een spina bifida. Een rooie/rode rug was een bankbiljet van 1000 gulden. Rul is mul. Een rup is een rural professional (yup op het platteland). Rut is blut. Op auto’s kun je ‘RUS[Rusland] aantreffen. Een dyne (symbool: dn) is 10^-5 newton – symbool N). Heb je voor de newskool [later stadium techniek, kunst] newspeak [nieuwspraak, met neologismen doorspekt] nodig? Newton was een humani generis decus (een sieraad voor de mensheid, op grafschrift). Aan hem danken we ook de afkoelingswet en de kleurenschijf. 1 pascal (Pa druk) is 1 newton
(
N kracht) per m2.

 

 


3519 Dictee woensdag 01-11-2023 (1) – dictee Dictee van de dag (1109) √ x

Dictee – dictees [3519]

Vragen en opmerkingen: leentfaarrein@gmail.com

Oefendictee feb 2022 (3), geheel herzien naar situatie 2023

Dictee van de dag (1109)

1. Virussen te kust en te keur: adenovirus (verkoudheid), aidsvirus [acquired immune deficiency syndrome] = hiv(-)virus [geen - bij uitspraakhihf’, wel – bij uitspraakhaa-ie-vee’] (human immuno deficiency virus), calicivirus (gastro-enteritis, buikgriep), circovirus (wegkwijnziekte varkens), computervirus, coronavirus (SARS, vgl.
SARS-CoV-2 en COVID-19) [severe acute respiratory syndromelongen], cytomegalovirus [cytomegalie – geïnfecteerde cellen zwellen op CMV-virus], darmvirus (darmen), ebolavirus (net als marburgvirus een filovirus met enkeldraads-RNA, verwekker van de ebolakoorts), eenzaamheidsvirus (zelfquarantaine), e-mailvirus en enterovirus (verwant aan poliovirus).

2. Verder: gijzelvirus (ransomware), hantavirus [rivier Hantan in Korea], HP-virus of HPV (humaan papillomavirushemorragische – met bloeding – koorts – ook: papillomavirus), internetvirus, keelvirus, killervirus (dodelijk), lassavirus (lassakoorts, weinig over bekend, dorp Lassa in Nigeria), lentivirus (retrovirussen – virus dat genetische informatie aan het DNA van een gastcel kan toevoegen – die langzaam-degeneratieve ziekten veroorzaken), longvirus, macrovirus (computer, toegevoegd aan macro’s), marburgvirus (via Afrikaanse meerkatten), mimivirus (in amoeben/s), mozaïekvirus (planten), neusvirus (rinovirus), norovirus (buikgriep), norwalkvirus (idem), paramyxovirus (bof, mazelen en pseudovogelpest).

3. Ook nog: parvo(virus) [erythema = erytheem = rode plekken op huid, gewrichtsklachten], ranavirus (amfibieën en reptielen), reovirus (uit de familie Reoviridae braken, diarree, zoals bij het rotavirus), RSV =
RS
-virus (respiratoir syncytieel virus), schmallenbergvirus (runderen, schapen, misgeboorte), tabaksvirus, togavirus (met ribonucleïnezuur, RNZdierziekten), usutuvirus (merels, soms mensen), westnijlvirus (geeft westnijlkoorts, UgandaVD/GB ook Oe), wormvirus (computer), wuhanvirus (COVID-19), zikavirus (zikakoorts – via muggen), zostervirus (gordelroos en waterpokken), denguevirus (knokkelkoorts), herpesvirus, herpes-simplexvirus, MKZ-virus (mond-en-klauwzeer), SARS-virus en vleermuisvirus.

4. Het woord ‘rösti’ is Zwitsers-Duits, racisme gaat over ras, rossisme over rosharige mensen, rost is regionaal rossig, een rostra is een sprekerstribune en rostraal is o.a. snavelachtig. De maanden van het jaar. Namen van (dagen en) maanden schrijf je met een kleine letter. Ik ben op 22 april geboren. 6 [dan geen hoofdletter!] jaar [ook: Zes jaar …] geleden was ik 72 jaar. 5 december is de verjaardag van Sinterklaas [Sint-Nicolaas]. Januari [begin zin!] is de eerste maand van het jaar, de louwmaand [looimaand, louwen = looien], februari is de sprokkelmaand, maart is de lentemaand, april is grasmaand
[
ook: paasmaand], mei is de bloeimaand [ook: bloemenmaand], juni is de zomermaand, juli de hooimaand en augustus oogst- of vruchtmaand.

5. Verder: september is de herfstmaand, oktober de wijnmaand, november de slacht- of nevelmaand en december de wintermaand. het januari-effect [koersen stijgen sneller] op de beurs kan wellicht de januariblues [somberheid na feestmaand december] verdrijven. Door het bloedwonder van de Heilige Januarius te Napels wordt diens bloed op zijn feestdag weer vloeibaar. De naam ‘Beatrixvloed’ (1953) is niet algemeen [Februariramp, Watersnoodramp]. De blue monday, maandag van de laatste volle week in januari, daar wordt je voogd nou echt depri van. Dry january betekent: geen alcohol, stoptober betekent: geen tabak in oktober. Met jan en jan. (GB) wordt ‘januari’ afgekort , etc. De maand ‘mei’ wordt niet afgekort, sep(t)(.) en feb(r)(.) hebben allebei 4 afkortingen. Een millenniumbaby is geboren op 1 januari 2000.

6. De Natuurbeschermingswet (Nb-wet) regelde de natuurbescherming [thans: Wet Natuurbescherming]. Op oudejaarsnacht volgt nieuwjaarsdag [Nieuwjaar]. Ken je de Praagse Lente (1968)? in VD heeft de Watersnoodramp (= Februariramp 1953) sinds 2021 een hoofdletter, GB: w (een w…, niet specifiek – denk ook aan een waternoodramp). Men noemt februari ook wel de kortemaand. (Maria-)Lichtmis valt op 2 februari (officieel: Opdracht van de Heer in de Tempel). In de Franse Republiek van 1793 heetten de maanden: brumaire (nevelmaand), floréal (bloei- of bloemenmaand), frimaire (rijpmaand), fructidor (vruchtmaand), germinal (kiemmaand), messidor (oogstmaand), nivôse (sneeuwmaand), pluviôse (regenmaand), prairial (grasmaand) en thermidor (warmtemaand).

7. De vendémaire was de wijnmaand en de ventôse de windmaand. Op maartse dagen kunnen er maartse buien vallen. een maarte [mv. n] is een dienstmeisje. Weet je nog een goeie eenaprilmop of -grap
(
1 aprilmop of -grap), ook: aprilvis? Het ww. daarbij is ‘aprillen’. Hij komt half april terug. Voor ‘kamsin’ schrijft VD ook ‘chamsin’, verstikkend hete zuidwestenwind in de Middellandse Zee. Vergeet de caprilegging [halflang tot net onder de knie] niet! Hei, ‘t was in de mei, zo blij. Een meizoentje is een madeliefje. De 4 meiviering (viermeiviering) hoort ingetogen te zijn. Meien is met meien, met groen versieren. De junival betreft kleine appels en peren. Het Junioproer was in Parijs (1848). Met juno [voor de duidelijkheid: juni – spreektaal] wordt niet de Romeinse godin Juno bedoeld. Een salchov is een zekere schaatssprong. Heden, 7 julij, ...

8. Een meteoorregen is een sterrenregen. Festina lente: haast u langzaam. Wanneer viel het augusteïsche tijdvak [keizer Augustus] ? De septemberkoning en -lelie zijn planten. De Prinsjesdag, derde dinsdag, hoedjesdag valt in september. Het oktoberfeest moet je in München zoeken. De VN-dag valt op 24 oktober. De Wapenstilstand (11 november) herdenkt in BE de doden van WO I en II (ook wel: klaproosdag). De Kristallnacht viel op 9 november 1938. Met de feestdagen- wordt de decemberstress bedoeld. De Driekeizersslag was de Slag bij Austerlitz (2 december 1805), waarbij de Franse, Oostenrijkse en Russische keizer betrokken waren. Voor 28 december is allerkinderendag – net als Allerkinderen – de oude naam voor Onnozele-Kinderen (onnozele-kinderendag).

 

 


3518 Dictee dinsdag 31-10-2023 (1) – dictee Dictee van de dag (1108) √ x

Dictee – dictees [3518]

Vragen en opmerkingen: leentfaarrein@gmail.com

Oefendictee feb 2022 (2), geheel herzien naar situatie 2023

Dictee van de dag (1108)

1. Die jonge moeder heeft een klein dochtertje. Waar is die heroïen [heroïne] verstopt? Die pubers waren duidelijk nog in hun puberteittijd. Een inchoatief of inchoativium als ‘bevriezen’ slaat op iets dat begonnen is of aan het ontstaan. IS is de Islamitische Staat, ISIS is de Islamitische Staat in Irak en Syrië en Isis is de Egyptische godin van de natuurkracht, gemalin en zuster van Osiris (net als Demeter de moedergodin, vgl. ook de vadergod). Een jacobin ministre was eerst en vooral jakobijn. Wat heeft een jaquemart [staand figuurtje, klok, uren slaan] met een jacquard(machine) [bij weefgetouw voor patronen] te maken? Niets. Tja, coeli hoort bij R/rorate coeli desuper [D/dauwt, hemelen, uit den hoge - t = archaïsch] en caeli hoort bij scala caeli (jakobsladder). De eco-elite [natuurlijk milieu] kan het allemaal wel (zelf) betalen.

2. Ze wezen met hun jakobsstaf naar de Jakobsstaf [sterrenbeeld]. VD heeft gegripeerd, GB gegriepeerd. Hij is getreiterd, gegriept. Griep, griepen (mv.), griepje. Appiekim is in NL (Bargoens): in orde, voor elkaar! Een skrei is een zekere kabeljauw. Uit de taal Bantoe: gumbo = okra(soep) [ook: oker, een vrucht], kalimba = mbira [muziek], mamba, een grote, giftige, Afrikaanse slang, marimba [xylofoon], n(a)gana (tseetseeziekte), Shona (Bantoetaal in Zimbabwe), ubuntu [oe], ethisch beginsel of medemenselijkheid en Zimbabwe (republiek in Afrika, vgl. Zimbabw(e)aans – e alleen VD, lijkt fout – maar in BE zeggen ze
wee-jaans en niet waans). Is die bloemkooleter(di-ethyl)etherbedwelming nog gelukt? Hoe zou je ‘bantuknots’ in het Bantoe schrijven? Joints de culasse zijn koppakkingen.

3. Een spatsie (wafels met ijs ertussen) is lekker, maar je moet geen spatsies [kapsones, ongewenste gekheid] maken: ik heb echt terecht gezegd dat sommige spatjes regen uiteindelijk terechtkomen in een spaatje blauw, rood of bruis. Een hoatzin is een vogel die dat niet is, maar er prehistorisch uitziet. Ik wijs op niet-zijn, uit-zijn en het
ik-bewustzijn en ik-besef. Chintzen is van chintz, kiebitzen is toekijken en ongevraagd advies geven, spachtelputzen is wanden pleisteren; spitzen gebruik je bij ballet en zum Kotzen is walgelijk. Aanbevolen woorden voor dictees: ausputzers (libero’s), (cine)witz(en), ersatz(en) [vervangingsmiddel] en hotsen (op en neer en heen en weer doen gaan).

4. Verder nog: ismakogie (zekere bewegingsleer), kratsen (krabbelen), lutz(en) [bij kunstrijden op de schaats], protsen (opscheppen, bluffen), smarotsen (klaplopen, smullen, schranzen) en spritsen (spuiten, door de tanden spuwen). Mag ik een teiltje? Het is walgelijk, zum Kotzen en treppenwitzen, esprits de l’escalier [grappige inval als mosterd na de maaltijd]. Op *oid: bleu froid (van vlees: rauw en koud), celluloid (celluloïde), chancroïd (sjanker), colloïd (znw. = colloïde), cricoïd (kraakbeen in strottenhoofd), diploïd(e) (bnw. – dubbel aantal chromosomen), euploïd(e) (bnw.), floid (kunststof tennisbaan), haploïd(e) (één stel chromosomen per kern), hydrocolloïd, keloïd (goedaardig gezwel van littekenweefsel), kristalloïde (znw.) en o.i.d.
[of iets dergelijks].

5. Ook nog: mucoïd (slijmachtig), osteoïd (benig, beenachtig), polaroid(camera), polyploïd(e) [veel - zie * verderop], rubberoïd, sangfroid (koelbloedigheid), sigmoïd (sigma romanum, S-vormig deel dikke darm), tabloid, tetraploïd(e) [* 4 maal het aantal chromosomen] en triploïd(e) [drie]. Op *oit: à bon droit (met goed recht), abus de droit (rechtsmisbruik), Dieu et mon droit (devies Richard I), exploit [ohj] (stukje malware in een computerprogramma – deurwaarder: exploot!), passe-droit (passeren bij een benoeming), soit (het zij zo) en terme de droit (opschortende tijdsbepaling bij uitvoering van een verbintenis). De ex-CEO geniet nu van das Glück im Winkel [teruggetrokken, huiselijk leven]. Het is des Guten zuviel, te veel van het goede. Een zuwe is regionaal een looppad door een moeras. Das Eiapopeia vom Himmel (wiegelied - ww.).

6. De kodiakbeer is genoemd naar het eiland Kodiak in de Golf van Alaska. Bij de protestacties zag je onder meer een lange sliert van protesttaxi’s. Let op: assaisonneren (kruiden) is met ss, s, nn! Grootsig is groots, grozig. Een greb of grub is een grebbe of greppel. De Grebbelinie ligt tussen Spakenburg en de Grebbe (klein riviertje bij Rhenen). Grub Street in Londen heette later Milton Street, plaats voor broodschrijvers en sensatiejournalisten. Een grrl [uh:] is zelfbewust. Wil je wiet telen, dan moet je bij de growshop zijn. Ie(t) wie(t) waai(t) weg. Als een gemeente wiet kweekt, is dat gemeentewiet. Op een tefffarm kweken ze in Ethiopië een glutenvrije graansoort. Een tefila/lle is een gebed(enboek). Teffens (tevens) zijn tefilin gebedsriemen.

7. Bij het boksen kun je punchen, een jab uitdelen. Dicotyl is tweezaadlobbig (en monocotyl). Een dickpic is een piemelfoto [fallusafbeelding]. Monoclien slaat op kristallen, monoclinisch op planten. De lazerstralen waren aan het lazeren, met laserstralen kun je laseren. We zijn bij lange (na) niet boven Jan. De NZa is de Nederlandse Zorgautoriteit: die raadt af, te veel (een teveel aan) pikketanis(sies/sen) te drinken [ook: borrel, neut, keiltje, hassebassie]. Na het yogaën o.l.v. de yoga-expert nuttigde de yogini (vr., mv. yogini’s) een yoghurtdrank en de yogi (m., mv. yogi’s of yogin) kon je zien, yoghurt etend uit zijn drinkyoghurtbokaal. De judo-equipe, een judoka (m/v, mv. ‘s) in judogi (pak, mv. ‘s) en een judoleraar was in de judojo (lokaal, mv. ‘s) voor een judo-off.

8. De lelie behoort tot het geslacht Lilium. De scilla is een lelieachtig bolgewas, niet te verwarren met Scylla en Charybdis. Een bopper bopt, danst de bebop (ook: haardracht). Je hebt ook nog neo- en postbop. Iets langer dan go(d)samme is godsammekrakepitte. De G- en de vanderwaalskracht staan wel in de wdb., de buckyball ook, maar de vandegraaffgenerator niet. Bourgeois (bnw., znw.) en bourgeoise (vr.), café (mv. s) liégeois (nagerecht) en (pour) épater le bourgeois =
(om te) overdonderen. Die gozer is een geboren loser en werkt voor een footloose organisatie [niet gebonden aan vestigingsplaats]. Een christoffel is een beeld [van Sint-Christoffel]. Stelliet is een
kobalt-chroom-wolfraamlegering [ook: wolfram, tungste(e)n]. Uit het mineraal scheeliet, dat vnl. bestaat uit calciumwolframaat, wordt wolfra(a)m bereid, het symbool daarvoor is W.

 

 


 

3517 Dictee maandag 30-10-2023 (1) – dictee Dictee van de dag (1107) √ x

Dictee – dictees [3517]

Vragen en opmerkingen: leentfaarrein@gmail.com

Oefendictee feb 2022 (1), geheel herzien naar situatie 2023

Dit lijkt wel heel erg op blogpost 3514 = Dictee van de dag 1106!

Dictee van de dag (1107)

1. Bevalt dat nieuwe coachje van jullie ploeg wel? In het uur tussen hond en wolf, inter canem et lupum, entre chien et loup (in de avondschemering). (It’s)Too good to be true (te mooi om waar te zijn). Het caravaggisme is een kwestie van licht en donker (schilderkunst). Oxytocine is het geluks- of knuffelhormoon. Wij hebben hem mooi van die wijn afgeholpen. Met [ch] jalapeño wordt chilipeper bedoeld. Huttenkaas kennen we niet, hüttenkäse en cottagecheese wel. Het parvovirus, parvo of parvovirosis veroorzaakt erythema (ook erytheem. mv. -mata of -ma’s – rode vlekken op de huid). Wat naar John Wyclif verwijst, is wyclifitisch. Loop (zit) toch niet zo te zaniken!

2. Het gebouw had een zijin- en -uitgang. De getuigen van Jehova, de Jehova’s getuigen, mogen geen bloedtransfusie ondergaan. Dat gezinnetje is bloedarm. Flebitis is aderontsteking en pyleflebitis is poortaderontsteking. Bij het eten gebruikten ze madeirasaus [GB/VD naast: maderasaus] en dronken ze madera(wijn) [VD, GB ook: ei], vernoemd naar Madeira [dat niet met e]. Onderaan alle
boekbladzijde
n/s stond reclamen- [n niet uitspreken] of custodenwachters [idem] (custos, bladwachter). Een nabo is een niet actief beveiligde overweg. Wat weet jij van dat PFAS-dossier (poly- en perfluoralkylstoffen) [GB - VD metpfaslijkt minder juist, dan overigens: pfasdossier]. Een zije sok, een zije mina en een zije reet zijn een zijen. Een hoge zijden is een hoge hoed. Crepusculair is nachtactief (dieren).

3. Crepitus (crepitaties) is crepitatie (dát in VD): knetterend geluid bij het over elkaar heen bewegen van ruwe oppervlakken in het lichaam, bv. van bot over kraakbeen. Vlöggelen in Ootmarsum gaat heel langzaam. De toeslagenaffaire doet bigbrotheriaans aan. Ik werd vernoggeld (om niet te zeggen: vernacheld). Let op: het is nu mRNA (messenger- of boodschapper-RNA), tRNA (overdrachts- of
transfer-RNA) en rRNA (ribosoom- of ribosomaal-RNA). Met porna wordt vrouwenporno bedoeld. En je hebt mtDNA en recombinant- [samengevoegd genetisch materiaal] en dubbelstrengs-DNA = cDNA (complementary). Het paleo-DNA is aanwezig in botten en junk-DNA codeert niet voor genetische eigenschappen.

4. Een hoedna is een wapenstilstand met een niet-islamitische vijand. Trouwens: mtDNA is mitochondriaal. De boogaloo is Zuid-Amerikaanse dansmuziek met invloeden van o.a. mambo, rock-’n-roll en soul. Een loo is een open plek in het bos (vgl. (voormalig koninklijk) paleis Het Loo in Apeldoorn). Zekere curry uit de Indiase keuken is vindaloo. Tessa de Loo schreef: soms heeft overspel niets om het lijf. We kennen de Slag bij Waterloo en zijn Waterloo vinden (VD) en een waterloo lijden (GB, beslissende nederlaag). Op *lo: (VD) a Deo sole (van God alleen), een allo- is geen autochtoon (een allo is geen auto), een alo is een academie voor lichamelijke opvoeding, een amarillo is een sigaar (ook bnw.) en een anti- voorkomt in de fotografie een halo.

5. Een apollo is genoemd naar een zoon van Zeus. De Aquilo is een noordoosten- of noordenwind, een armadillo is een gordeldier, de barolo een zekere rode wijn, bijlo of bilo een bastaardvloek, beter blo of blode Jan, dan dô [dakje] of dode Jan, b.l.o.: (school voor) buitengewoon lager onderwijs, bolo is taart op de Antillen, broccatello – marmersoort, bulo: buitengewoon lager onderwijs (BE), caboclo: van gemengde Europees-Braziliaanse afkomst, caudillo (m.n. Franco), cembalo = klavecimbel, chullo: Peru(vi)aanse wollen muts met oorflappen, cigarillo: kleine sigaar, CLO: Centrum voor Landbouwkundig Onderzoek (BE), collo/colli of colli/colli’s, coram populo: in tegenwoordigheid van het volk en dactylo – typist(e) [BE].

6. Een creatie ex nihilo is een schepping uit het niets, een criollo is vooral het rijpaard van een gaucho, cumelo: komkommer x meloen, cum libello <> in angello: met een boekje in een hoekje, diabolo: zeker speelgoed, DLO: Stichting Dienst Landbouwkundig Onderzoek (onderdeel Wageningen UR), doblo: dom blondje en dolo malo: met boze list/opzet, arglistig. Ecolo: Franslaige groenen in BE, de eikenaardvlo en de elo(rating): berekening van het schaakniveau naar prestatie. Flagrante bello: onder het woeden van oorlog, flo: functioneel leeftijdsontslag, fluctus in simpulo: een storm in een glas water, gigolo: callboy, glo: gewoon lager onderwijs (SR), ILO: International Labour Organization (IAO) en in dulci jubilo: vrolijk en in overdaad.

7. Oorlogsrecht: jus in bello en op rechtmatige wijze: justo titulo. Kaulo muziek is ‘rot’, kaulo dom is erg dom. Kelo is zeker Fins hout en de KLO is in NL de Dienst Kijk- en Luisteronderzoek (afdeling van de NOS). Een leporello(boek) is een boek in harmonicavorm. Limoncello is limoncino: een Italiaanse citroenlikeur. Een lokalo is een lokale politicus: dat moet wel een local zijn! Een longo sed proximus intervallo: de volgende, maar op grote afstand. Wat is dat een lullo, zeg. Magno intervallo: na een lange tussenpoos. Een magnus Apollo is een groot orakel. Een mecalo staat voor megacalorie. Membrillo is een dikke kweeperengelei (Spanje). Meo periculo: op mijn risico. Een metallo (BE) is een metaalarbeider. Een molo is een havendam, een hoofd.

8. Nebbiolo is een rode wijn. Een negrillo is een pygmee. Zeker graveerwerk heet niëllo. Nolo (bnw.) is zonder (no) of met weinig (lo) alcohol. Een ocotillo is een woestijnheester. Een papagallo zoekt in Italië erotische avontuurtjes met toeristes. Een pedalo is een waterfiets (BE). Deze piccolo(fluit) is pico bello. Pilo is een soort van glad fustein. Een pizzaiolo is een pizzabakker. Pleno <> titulo is met volle titel (rechtsgrond). De PLO is de Palestinian Liberation Organization. Een pomelo is een shaddock (veredelde pompelmoes). Een ponticello is een kam op strijkinstrumenten. Een portobello/a is een grote kastanjechampignon. Praemisso titulo: de titel er in gedachten bij te plaatsen. Pro nihilo: voor niets, pro stylo: voor de vorm, pueblo: dorp.

9. Een realo is geen fundi. Zijn daar ook regionalo’s bij? Sensu malo: in ongunstige zijn. Een soprillo is een piccolosaxofoon. Het (de) stabilo is het staartvlak (vliegtuig). Zij is stenodactylo. Een studiolo is een rariteitenkamer (-kabinet). Een stylo is een balpen (BE). Sub quocunque titulo: onder welk voorwendsel dan ook. Dicht bij de kam gestreken = sul ponticelli. Een tamarillo is een boomtomaat. Tamquam in speculo = als in een spiegel = veluti in speculum. Tempranillo is een wijnstok of rode druif daaraan. Een tombolo is een zekere strandwal. Toto coelo = hemelsbreed. Trankilo = bedaard, rustig (Antillen). Tranquillo = rustig in de muziek. Tremolo = snelle herhaling van één toon. Een trullo is een middeleeuws rond bouwwerk (Italië).

10. Een velo is een velocipède. Verbo et exemplo = door woord en voorbeeld. Een violoncello is een cello. Yolo: you only live once. Een zorillo is een Zuid-Amerikaans stinkdier.